Nieuwjaarstoespraak 2012

Nieuwjaarstoespraak 2012

Welkom hier en u allen een heel gezond en voorspoedig 2012.

Hoe maken we in 2012 onze stad sterk?  Hoe kennen en benutten we in 2012 kansen? Nieuwe Tijden vragen ander stadsbestuur.

Maar we beginnen bij het begin. Bij de kaart van de wereldberoemde kaartenmaker uit de gouden eeuw, Joan Blaeu (Atlas Major). Deze Rembrandt van de cartografie zet hier met zijn kaart van Hoorn in 1650 een wereldmerk neer, dat je terugvindt van Japan, USA, tot Zuid Amerika. We zien Hoorn bij Blaeu op haar historische top met een geschat aantal inwoners van 14.000. Het zou 300 jaar duren, tot de jaren vijftig van de vorige eeuw, voordat Hoorn opnieuw op dat aantal zat.

De stad heeft zichzelf in al die eeuwen meerdere keren - opmerkelijk en heel knap - opnieuw uitgevonden. Een wereldhavenstad die zijn zee verloor en in de negentiende eeuw hoofdstad werd van het agrarische West-Friesland. Van de haven naar de kaas-, vis- en veemarkt. Als ik het in kleuren zou moeten uitbeelden: van blauw naar groen.

Nu is de stad  maar liefst 70.000 inwoners groot en heeft ze 160 nationaliteiten in huis. Die grote groei van 14.000 naar ruim 70.000 vond in zestig jaar tijd plaats. U en ik, we maken allemaal deel uit van dat historisch unieke feit. Hoorn was nog nooit zo groot en welvarend.

We weten ook dat we die groei achter ons hebben gelaten. De bevolking verdunt, vergrijst, verkleurt en ontgroent. En de economische groei…? Daar heeft u meer dan genoeg over gehoord. Niet langer komen de mensen als vanzelf naar Hoorn. De tijd dat we als stadsbestuur  “niets anders” hadden te doen dan hen als groeigemeente te ontvangen, is definitief voorbij. Er wordt van ons als stadsbestuur meer verwacht dan beheerder te zijn van een woonhotel.

De concurrentie tussen steden, regio’s, landen en continenten neemt toe. Niet langer gaan wij op onze voorwaarden de wereld in, maar komt de wereld op haar voorwaarden naar ons toe. Alles kan overal en nestelt zich uiteindelijk daar waar dat het beste gaat. Nieuwe tijden vragen ander stadsbestuur. 
 
Ontmoetingsplaats en sociale lift voor talent
Waar zit dat andere dan in? Het antwoord bevindt zich in de volgende vraag. Waarom komen mensen naar de stad? Of het nu om winkelen of om wonen gaat, om vrije tijd of het werk, iedereen komt naar de stad in de hoop er beter van te worden. Een goede stad onderscheidt zich ten eerste als ontmoetingsplek voor oud en jong talent. Een goede stad is een sterke economische motor. Een goede stad is ten tweede ook een sociale lift: in een goede stad moet een dubbeltje  ten minste een kwartje kunnen worden en geen stuiver. Het belang van goed onderwijs kan dan ook nauwelijks overschat worden. Emancipatie, ontplooiing, woekeren met je talenten. Ieder onderzoek levert dezelfde uitkomst op: goed onderwijs maakt op alle terreinen van je leven - ja, ook geluk, gezondheid en betrokkenheid - het verschil.

Een stad is een plaats waar de enkeling naar toe gaat in de hoop er op vooruit te gaan. Diegene die er wonen, hopen op een medeburger die meer brengt dan haalt. Wordt die hoop waarheid dan zien we een bloeiende stad van elkaar versterkende mensen. Een gemeenschap waar mensen, ongeacht hun leeftijd en afkomst, hun dromen en ideeën waar kunnen maken. Een goed stadsbestuur verbindt en organiseert die vruchtbare ontmoeting als broedplaats van talent en versnelt wat er in aanleg al is. Een plus een is drie. Dat is iets anders dan beheer en regie en het uitvoeren van Haagsche decentralisaties. Het is creatiever en menslievender.

Doen we dat al dat verbinden en versnellen om onze kansen te kennen en te pakken?Te weinig. Wat zijn in Hoorn, West-Friesland en Noord-Holland Noord de trekkende sectoren die zorgen dat het talent blijft komen?  Hoe staat het met het aanbod en de kwaliteit van ons onderwijs? Sluit dat aan bij wat die topsectoren vragen? Weten we goed genoeg welke mensen waarom naar ons toekomen en waarom mensen vertrekken en ons mijden? Hebben we daar heldere ambities in die we met de goede partners waarmaken? Dat zijn de kernvragen en opgaven voor 2012 en daarna.

De richting is duidelijk en een begin is er. Kijk naar de topsectoren voor Noord-Holland Noord. Van de vijf topsectoren zijn gezondheid, agrarisch en vrije tijd voor West-Friesland de belangrijkste. Kijk naar de conceptstructuurvisie voor Hoorn en onze ambities om ons te ontwikkelen als stad aan het water. We concentreren ons niet  op groen of op blauw, maar voor het eerst in de geschiedenis echt op allebei.

Het is daarbij ook volstrekt duidelijk dat goed stadsbestuur, goed regionaal bestuur is. Het organisme stad is vele malen groter dan de gemeentegrenzen. West-Friesland is steeds meer de gevoelde identiteit. Als stadsbestuur van Hoorn komen we dan ook met een voorzet voor een gedragen visie hoe we als zeven West-Friese gemeenten samen en geïnspireerd West-Friesland steviger op de (nationale en Europese) bestuurlijke kaart kunnen zetten. Besturen met de buren. Dit alles overigens in de wetenschap dat de wedstrijd gewonnen wordt op Noord Holland Noord niveau en het Blauwe Hart.

Trots en hoop
Onze stad heeft volop kansen als sociale lift en ontmoetingsplek voor talent. Onze stad biedt  kansen voor mensen die zich willen ontplooien. In een stad die zichzelf opnieuw uitvindt als groene en blauwe stad op een kruispunt van wegen en water. Investeren in de topsectoren gezondheid, agrarisch en vrije tijd én het daarbij behorende onderwijs is dan noodzakelijk. Juist nu moeten we die kansen samen pakken. Daar gaat een verbindend en versnellend stadsbestuur over. Daarbij hebben we veel meer mogelijkheden dan we tot op heden hebben benut.  Beloven kunnen we niets - daarvoor is het te ingewikkeld. Samen met u een duidelijke koers kiezen, kunnen en doen we wél.

Ik wil afsluiten met trots en hoop. Trots mogen we zijn op onze raad en college, die met veel inzet en bezieling hun werk doen. Hard voor de zaak, zacht voor de mens. Trots verdient ook onze ambtelijke organisatie, die met steeds minder geld toch steeds beter presteert met mensen die eer en plezier in hun werk hebben.

Trots ben ik op de talloze investeringen: van Blauwe Berg tot Oostereiland. De Hoornse variant op de New Deal, waarbij ik weet dat op andere punten die Hoornse New Deal gevoelig ligt. Er moet wel besloten worden. De toekomst wacht niet. De langzaamste verliest.

Trots ben ik, en zeker niet in de laatste plaats, op al die mensen die de stad maken. Die zorgen voor ontmoeting en de sociale lift. De mensen die Hoorn maken tot een goede stad voor mensen met dromen en ambities. Heel in het bijzonder wil ik daarbij stilstaan bij al die vrijwilligers die van Hoorn een stad maken waar het fijn is om te wonen en te leven. Veel van die vrijwilligers zijn hier vanavond. Allemaal krijgen zij een attentie. Drie organisaties wil de gemeente Hoorn vandaag met de uitreiking van een eenhoornzegel, goed voor 500 euro, bijzonder in het zonnetje zetten. Dat zijn Voedselbank West-Friesland, Stichting Hulpverlening West-Friese Kerken en Stichting leergeld.*  Zij ontvangen een aanmoediging en ondersteuning van het stadsbestuur.
Laat 2012 maar komen.  Hoorn is en blijft een wereldmerk van sterke mensen.

Voedselbank West-Friesland.
De Voedselbank West-Friesland heeft als doel om personen en gezinnen die in een (tijdelijke) financiële noodsituatie verkeren te helpen door het leveren van voedselpakketten. Maar naast armoedebestrijding is het efficiënter omgaan met voedsel een belangrijke nevendoelstelling. Voor de inkomsten is de voedselbank volledig afhankelijk van donaties en giften. In tijden van economische crisis maken de vrijwilligers een belangrijk verschil in het dagelijks leven van vele Hoornse en West-Friese gezinnen.

Stichting Hulpverlening vanuit de Westfriese Kerken.
Het doel van de stichting is mensen in (crisis)situaties te begeleiden en te steunen. Hulp wordt gratis aan alle groepen van de bevolking  verleend. De hulpverlening is professioneel, gebaseerd op het Evangelie van Jezus Christus, laagdrempelig en heel persoonlijk van aard en wordt geboden aan mensen die wonen in het werkgebied van de stichting. Daarbij wordt uitgegaan van het principe dat de stichting geen taken overneemt die door de overheid moeten worden uitgevoerd, maar probeert daarop een aanvulling zijn. Vaak gaat het om hulp aan mensen die bij de hulpverlening tussen wal en schip vallen.
 
Stichting Leergeld
In Nederland leven ten minste 400.000 kinderen onder de armoedegrens. Helaas is dat een structureel gegeven. Anders dan in ontwikkelingslanden, maar in verhouding even schrijnend en bovendien om de hoek. Schoolgaande kinderen - in de greep van de armoede - kunnen niet of weinig met andere kinderen meedoen. Niet met   schoolkamp/week, niet met excursie en niet naar de sportclub of naar kunstzinnige vorming. Ook schoolmaterialen en aan het begin van het jaar alle boeken hebben, wordt steeds vaker een probleem. Meedoen vergroot de horizon van kinderen; zij maken sociale contacten, leren teamgeest, zich handhaven in een groep, leren winnen en verliezen. Als kinderen dit soort dingen niet leren maar worden buitengesloten, komen niet alleen zij ernstig tekort maar zal de maatschappij daar later duur "leergeld" voor betalen.
Leergeld Hoorn richt zich op schoolgaande kinderen in de leeftijd van 4 tot 18 jaar van ouders met een laag inkomen, dat wil zeggen 120% of minder van het minimum inkomen, die in Hoorn en omstreken wonen. Het belangrijkste doel is te voorkomen dat deze kinderen door geldgebrek in een sociaal isolement komen doordat ze niet kunnen deelnemen aan schoolse en buitenschoolse activiteiten. Leergeld vindt dat álle kinderen moeten kunnen deelnemen aan activiteiten binnen en buiten de school, zoals schoolreisjes, werkweken, sport of muziekles.