Brandveilig gebruik bouwwerken

Wilt u een gebouw in gebruik nemen? Dan moet u mogelijk een gebruiksmelding doen. Een gebruiksmelding wordt ook wel een melding brandveilig gebruik genoemd. Op deze pagina leest u wanneer u een gebruiksmelding moet doen, welke gegevens u moet aanleveren en hoe u de melding indient.

Wanneer moet ik bij een gebouw of ruimte een gebruiksmelding doen?

Bij een woonfunctie met:

  • kamergewijze verhuur met meer dan 1 persoon;
  • een woonfunctie voor zorg met meer dan 1 persoon.

Bij een bijeenkomstfunctie:

  • voor kinderen jonger dan 10 jaar met meer dan 10 personen;
  • voor personen met een fysieke of geestelijke beperking met meer dan 10 personen;
  • een andere bijeenkomstfunctie met meer dan 50 personen.

Bij  een gezondheidsfunctie:

  • met bedgebied met meer dan 10 personen;
  • een andere gezondheidszorgfunctie met meer dan 50 personen.

Bij een logiesfunctie met:

  • een logiesgebouw met meer dan 10 personen;
  • een andere logiesfunctie met meer dan 50 personen.

Voorbeelden van logiesfuncties zijn hotels, pensions, jeugdherbergen en grootschalige opvang- of huisvestingslocaties voor tijdelijk verblijf.

Bij een onderwijsfunctie voor:

  • basisonderwijs met meer dan 10 personen;
  • een andere onderwijsfunctie met meer dan 50 personen.

Overige situaties:

  • bij een sportfunctie met meer dan 50 personen.
  • bij een winkelfunctie met meer dan 50 personen.
  • bij een industriefunctie met meer dan 150 personen.
  • bij een kantoorfunctie met meer dan 150 personen.
  • bij een celfunctie met meer dan 10 personen.
  • bij een gebruiksfunctie voor het stallen van motorvoertuigen met meer dan 50 personen;
  • bij een gebruiksfunctie voor personenvervoer met meer dan 50 personen.

Bij een gebruiksmelding moet u gegevens en documenten aanleveren over het gebouw en de brandveiligheidsvoorzieningen. Denk bijvoorbeeld aan blusmiddelen en vluchtroutes. U moet deze voorzieningen intekenen op een plattegrond die u bij de melding voegt.

U levert de volgende algemene gegevens aan:

  • de naam en het adres van degene die de activiteit verricht;
  • de dagtekening;
  • het adres, de kadastrale aanduiding of de ligging van het bouwwerk;
  • een situatieschets met een noordpijl, met een schaal van minimaal 1:1.000;
  • per bouwlaag een plattegrondtekening met een schaal van minimaal 1:100.

Gegevens op de plattegrond of in een bijlage

Geef op de plattegrondtekening of in een bijlage de volgende informatie aan:

  • de gebruikte schaal;
  • per bouwlaag:
    • de hoogte van de vloer boven het meetniveau;
    • de gebruiksoppervlakte;
    • het maximale aantal personen;
  • per ruimte:
    • de vloeroppervlakte;
    • de gebruiksfunctie;
    • bij een ruimte voor meer dan 25 personen, de hoogste bezetting van die ruimte;
    • de opstelling van inventaris en inrichtingselementen.

Brandveiligheidsvoorzieningen

Geef, voor zover deze aanwezig zijn, ook de plaats aan van:

  • brandwerende of rookwerende scheidingsconstructies;
  • vluchtroutes;
  • de draairichting van deuren;
  • zelfsluitende deuren;
  • sluitwerk van deuren;
  • vluchtrouteaanduidingen;
  • noodverlichting;
  • oriëntatieverlichting;
  • de brandmeldcentrale en het brandmeldpaneel;
  • brandslanghaspels;
  • mobiele brandblusapparaten;
  • droge blusleidingen;
  • de brandweeringang;
  • een sleutelkluis of sleutelbuis;
  • een brandweerlift.

Vermeld daarnaast de aard en de plaats van de brandveiligheidsinstallaties. Gebruik hiervoor, voor zover de norm daarin voorziet, aanduidingen volgens NEN 1413.
Past u een gelijkwaardige maatregel toe? Voeg dan de gegevens en documenten toe waarmee u aannemelijk maakt dat de maatregel gelijkwaardig is.

U doet een gebruiksmelding online via het Omgevingsloket. Volg onderstaande stappen:

  1. Inloggen
    Log zakelijk in met eHerkenning of persoonlijk met DigiD.
  1. Projectgegevens en locatie invullen
    Geef uw project een naam en selecteer de locatie.
  1. Activiteit kiezen
    Kies bij stap 3 voor de activiteit‘Bouwwerk brandveilig gebruiken – Melding’.
  1. Vragen beantwoorden
    Beantwoord de vragen die bij de gekozen activiteit horen.
  1. Documenten toevoegen
    Voeg de documenten toe die voor uw situatie van toepassing zijn. Welke documenten nodig zijn, staat hierboven bij Wat moet ik aanleveren?
  1. Gegevens van de aanvrager invullen
    Vul uw contactgegevens in, zoals uw e-mailadres en telefoonnummer. Deze gegevens maken deel uit van de indieningsvereisten.
  1. Verzoek indienen
    Dien de melding in. De gemeente beoordeelt of uw verzoek aan de gestelde eisen voldoet.

De melding is goedgekeurd

Binnen 4 weken nadat u de melding heeft gedaan, ontvangt u een bevestiging dat uw melding is goedgekeurd. U mag het bouwwerk daarna in gebruik nemen. Heeft u na 4 weken niets gehoord? Neem dan eerst contact op met de gemeente.

De melding is niet geaccepteerd

Een onvolledig ingediende melding wordt niet geaccepteerd. In dat geval geldt dat u geen melding heeft gedaan. U kunt de ontbrekende documenten niet later aan de eerdere melding toevoegen. U moet een nieuwe melding doen:

  1. Verzamel de ontbrekende documenten die in de afwijzing worden genoemd.
  2. Dien daarna een nieuwe melding in via het Omgevingsloket

Het is niet mogelijk om ontbrekende documenten later toe te voegen. Als de melding onvolledig is, wordt deze niet geaccepteerd. U verzamelt dan eerst de ontbrekende documenten en maakt vervolgens een nieuwe melding.